Een droge wijn staat tegenover een zoete wijn. Het is een niet-zoete wijn.

Tijdens de rijping aan de stok ontwikkelen zich suikers in de druif. Deze suikers zijn belangrijk bij het maken van de wijn. Suikers worden tijdens de vergisting omgezet in alcohol. Dit wordt gedaan met behulp van gisten die toegevoegd worden.

Wanneer alle suikers omgezet zijn in alcohol krijg je een hele droge wijn. Er kan ook gekozen worden om niet alle suikers te laten vergisten. Er blijven dan natuurlijke suikers (dit wordt restsuiker genoemd) achter in de wijn en zo krijg je een zoetere wijn.

Zo kan je dus heel veel stijlen wijn krijgen van droog tot zeer zoet.

Volg en like om op de hoogte te blijven.